Verhit de olijfolie in een grote koekenpan of braadpan op middelhoog vuur. Voeg de sjalotten en de in plakjes gesneden knoflook toe en breng op smaak met zout en peper. Bak 15–20 minuten, roer af en toe, tot de sjalotten volledig zacht zijn en diep gekaramelliseerd, met goudbruine, bijna krokante randjes.
Voeg de chilivlokken en de ansjovis toe (je hoeft de ansjovis niet te hakken; die lost vanzelf op). Roer circa 2 minuten tot de ansjovis volledig is gesmolten in het sjalottenmengsel.
Voeg de tomatenpuree toe en breng opnieuw op smaak met zout en peper. Bak al roerend 2 minuten, zodat de puree 84gaart in de olie, licht karamelliseert aan de randjes en verkleurt van felrood naar een diepere, baksteenrode tint.
Haal de pan van het vuur en schep ongeveer de helft van het mengsel in een afsluitbare bak. Laat de rest in de pan. (De apart gezette helft kun je later gebruiken voor nog een portie pasta, over geroosterde groenten, op een gebakken ei of onder knapperig gebraden kip.)
Breng een grote pan gezouten water aan de kook. Kook de pasta al dente. Bewaar 480 ml kookwater en giet de pasta af.Doe de pasta bij het sjalottenmengsel in de pan en voeg 250 ml van het kook- water toe.
Laat op middelhoog vuur 3–5 minuten doorkoken terwijl je de pan regelmatig omschudt en met een houten lepel eventuele aanbaksels losroert. De saus moet indikken en licht plakkerig worden, zodat elke sliert goed bedekt is. Voeg indien nodig nog wat extra kookwater toe.
Meng in een kommetje de peterselie met de fijngehakte knoflook en breng op smaak met grof zeezout en peper. Verdeel de pasta over borden of schep in een grote schaal. Bestrooi met het peterseliemengsel en eventueel nog wat extra chilivlokken.