Bormio: charmant dorp in de Alpen
Na een tocht vol haarspeldbochten en spectaculaire uitzichten bereik je Bormio, een dorp dat de reis meer dan waard blijkt. Fotograaf Valeria Bismar liet zich verrassen door deze prachtige plek in de Alpen.
Inhoud

De weg naar Bormio laat zich niet zomaar nemen; hij eist aandacht, geduld en een zekere vastberadenheid. Haarspeldbocht na haarspeldbocht klim je hoger, de lucht wordt dunner, de horizon ruimer. En dan, ineens, is er ruimte. Tussen de toppen van het Nationaal Park Stelvio in Lombardije opent zich een dal en daarin ligt Bormio, verstild en onverstoorbaar, alsof het dorp zichzelf allang bewezen heeft.
Skiën voor liefhebbers en gevorderden
Bormio is geen plek voor beginners. De bergen hier zijn steil, de sneeuw hard. Vanuit het dorpscentrum stap je direct de lift in. Geen lange transfers of bussen die je naar een hoger gelegen startpunt brengen. Bormio is gebouwd met de bergen in gedachten. Vanaf het plein waar je koffie drinkt, loop je zo naar de skilift.
Bormio is geen gepolijst wintersportoord, maar een rustiek dorp waar de tijd stil lijkt te staan. Dat maakt het anders dan de bekende skidorpen. Bormio is nog in de eerste plaats een plek van en voor Italianen zelf. Families uit Milaan en Brescia komen hier al generaties lang om hun winters door te brengen. Jongeren uit de regio leren er skiën van de lokale instructeurs – die na hun lessen gewoon weer achter de bar staan of in de winkel van hun familie helpen. Natuurlijk zijn er toeristen. Britse wintersporters weten het gebied al jaren te vinden, en met de Olympische Spelen in aantocht zal het dorp zichtbaarder worden. Maar de balans blijft voelbaar. Je bent te gast in een levend dorp, niet in een resort.
De piste op
Op Bormio 2000 (meter) warmen de spieren op, maar wie hoger wil, neemt de volgende lift naar Bormio 3000. Daar verandert de berg in een schouwspel van witte hellingen en diepblauwe luchten. Het geluid van krakende ski’s op bevroren sneeuw is het enige wat de stilte doorbreekt.
De Stelvio-piste is het kloppende hart van dit gebied. Een afdaling van meer dan drie kilometer, met een duizelingwekkend hoogteverschil van ruim duizend meter. Sinds 1993 is deze piste het strijdtoneel van verschillende wedstrijden. En tijdens de Olympische Winterspelen van 2026 keek de hele wereld mee hoe skiërs zich hier naar beneden manoeuvreerden.
Overdag kan het hier druk zijn, maar door de bergen is het tijdvak voor een afdaling dan ook beperkt. Na vieren zakt de zon snel achter de bergen. De pistes kleuren blauw, de lucht wordt ijl en koud. Dit is het moment waarop de locals hun ski’s onder de arm nemen en direct doorlopen naar de bar voor een glas rode wijn of een stevige bombardino – het zoete, warme drankje dat hier net zo traditioneel is als de pistes zelf.


Thermale baden
Waar het boven ijzig koud is, borrelt een stuk verder beneden het warme water al eeuwenlang uit de rotsen aan de voet van de Monte Reit. De thermale bronnen van Bormio zijn legendarisch. Niet aangelegd voor de toerist, maar ooit ontdekt en gekoesterd door de Romeinen, die al wisten dat het warme water hier meer was dan een luxe. Het water heeft een constante temperatuur van zo’n 40 graden Celsius en wordt zonder enige bewerking de baden in geleid.
De Bagni Vecchi vormen het oudste en indrukwekkendste badhuis. Je loopt er door gangen die ruiken naar vochtige steen en geschiedenis. In de Romeinse grotten ligt het water stil, donker en warm. Buiten, in de openlucht, ligt een bassin op de rand van de vallei. De Bagni Nuovi zijn luchtiger en lichter. Hier liggen de baden in weidse tuinen, tussen zuilen en elegante art-nouveau details. Een plek waar de grandeur van vervlogen tijden nog tastbaar is en waar het vooral draait om rust.
In het dorpscentrum vind je Bormio Terme, een meer bescheiden, praktische versie van deze luxe. Deze plek is vooral geliefd bij sporters die hun vermoeide spieren willen losweken en bij gezinnen die het plezier van warm water willen delen, zonder poespas. En dan zijn er de plekken zonder naam. Een korte wandeling de bergen in brengt je bij verborgen bronnen, waar het water direct uit de aarde omhoog borrelt. Geen entree, geen handdoekservice, en dus nog authentieker.
Stevige kost
Wie veel buiten is, heeft binnen behoefte aan stevige kost. Gelukkig heeft Bormio meer dan genoeg verwarmende specialiteiten.
Het echte werk begint rond de lunch, als de dampende borden met pizzoccheri worden geserveerd – brede linten boekweitpasta, gemengd met aardappelen, kool en overvloedige hoeveelheden gesmolten kaas. Sowieso zie je hier veel boekweit op de ingrediëntenlijst. Boekweit is al eeuwenlang een belangrijk ingrediënt in de keuken van Bormio en de Valtellina. Omdat het op deze hoogte wél groeit, waar tarwe en andere granen het lastig hebben. Het is voedzaam, bestand tegen het ruige klimaat en precies het soort stevige basis die bergbewoners nodig hadden om de koude winters door te komen. Wat ooit pure noodzaak was, is inmiddels uitgegroeid tot een trots onderdeel van de lokale eetcultuur. Je proeft het nog steeds in alles.
Een andere lokale favoriet is bresaola. Dit gedroogde rundvlees wordt zo dun gesneden dat je er bijna doorheen kunt kijken en geserveerd met niets meer dan een drup olijfolie, wat citroen en een paar blaadjes rucola. De berglucht geeft het vlees zijn unieke smaak; het is droog en zacht tegelijk. Wie nog ruimte heeft, bestelt sciatt: krokante, gefrituurde balletjes van – daar is-ie weer – boekweitdeeg, gevuld met gesmolten kaas. Geen overdaad, maar precies wat je nodig hebt na een dag buiten.
En vergeet de lokale kazen niet. De bekendste is bitto, een rijke, volle kaas die traditioneel wordt gemaakt in de zomermaanden op de alpenweides en jarenlang kan rijpen, wat de smaak alleen maar intenser maakt. Een andere geliefde kaas is casera, milder en zachter van karakter, vaak jonger gegeten en perfect om te smelten over pizzoccheri of een warme polenta. En dan is er nog de bisciola, een zoet brood dat ook wel het lokale antwoord op panettone wordt genoemd. Niet luchtig, maar stevig en rijk gevuld met noten, rozijnen en gedroogde vijgen, en gezoet met honing. Traditioneel wordt het rond de feestdagen gegeten, vaak als afsluiting van een winterse maaltijd. Je eet het simpelweg in dikke plakken, met een glas grappa of wat zabaione erbij.


Opwarmertjes
Dat glas grappa is trouwens niet het enige hier uit de regio. De wijnen uit de Valtellina passen perfect bij het ruige landschap en de hartige bergkeuken. De meest uitgesproken is de sforzato di Valtellina, ook wel sfursat genoemd. Dit is een passitowijn van nebbiolodruiven die eerst worden ingedroogd om hun smaken te concentreren. Liever iets minder zwaar? Dan moet je zeker de valtellina superiore eens proberen. Ook gemaakt van nebbiolo, maar lichter en eleganter, met frisse zuren die goed combineren met de lokale bresaola.
En na het eten? Dan komt de echte trots van Bormio op tafel: amaro Braulio. Deze bitterzoete kruidenlikeur werd in 1875 ontwikkeld door de apotheker Francesco Peloni en wordt nog steeds volgens geheim recept in Bormio geproduceerd. Met zijn smaken van alpine kruiden en een vleugje dennenhars is het dé afsluiter van een lange dag in de bergen.
Middeleeuwse charme
Bormio heeft niets met opsmuk. De gevels van de huizen zijn verweerd, het hout is donker, de stenen straten zijn glad gelopen door eeuwen van voetstappen. Ze doen hier moeite om de middeleeuwse sfeer in stand te houden. En wat het misschien mist aan glans, maakt het centrum meer dan goed in karakter.
Op het Piazza Cavour vind je nog echt een lokaal leven, van jong tot oud. In Bormio vertrekt de jongere generatie niet massaal naar de grote stad. Ze blijven. Vinden werk als skileraar, in de horeca, of combineren twee banen om de seizoenen soepel door te komen.
‘We willen het hier graag zo authentiek mogelijk houden’, zegt Lorenzo, een van de jonge ondernemers die net een kleine wijnbar heeft geopend in het dorp. ‘De bergen zijn van ons. Toeristen zijn welkom, maar het moet wel blijven voelen als thuis.’ En dat is precies wat Bormio bijzonder maakt. Het dorp is oud, maar niet verstild. In de steegjes klinken stemmen, op het plein drinken inwoners koffie en worden verhalen verteld. De mensen hier houden van hun gebied – of er nu toeristen zijn of niet.
De gids van Bormio
Eten
Vecchia Combo is een geliefd familierestaurant dat wordt gerund door moeder en dochter. Hier vind je traditionele Valtellinese gerechten op de kaart. De sfeer is authentiek, met houten meubels en een warme ambiance. Specialiteiten zoals pizzoccheri en sciatt worden hier met zorg bereid. Het kan druk zijn tijdens evenementen, dus reserveren is aan te raden. Piazza Santuario 4
Ristorante Gavioli is een elegant restaurant met slechts een paar tafels. De focus ligt op verfijnde gerechten met een Valtellinese twist. ristorantegavioli.com
Ristorante Al Filò is gevestigd in een gerestaureerde stal uit de 17e eeuw, biedt dit restaurant een unieke sfeer met stenen gewelven en een rustieke inrichting. De menukaart combineert creatieve en traditionele Valtellinese gerechten, bereid met seizoensgebonden ingrediënten. ristorantealfilo.it
La Volta Dolceria is een charmante patisserie in het centrum van Bormio, bekend om zijn ambachtelijke zoetigheden. Hier vind je onder andere heerlijke brioches, taarten en gebak, perfect voor een zoete pauze tijdens je verkenning van het dorp. Via Alberto de Simoni 25
Skianta Café, de neon-letters achter de bar zeggen het al: love ski & wine. Na een dag in de bergen, kun je hier terecht voor een aperitivo. Naast wijn hebben ze trouwens ook een goede cocktailkaart. Piazzetta Martino Anzi 8
Zien & doen
Voor wie na een ochtend op de piste of een hike door de bergen even wil ontspannen, is Bormio Terme Spa een laagdrempelige keuze. Deze thermale baden liggen midden in het dorp en zijn minder chic dan de bekende QC Terme, maar juist daardoor ideaal voor een kort bezoek. Je betaalt hier per uur, wat het populair maakt bij toeristen die niet een hele dag willen uittrekken voor wellness. bormioterme.it
Wie wél een hele dag wil onderdompelen in luxe, kiest voor de beroemde QC Terme Bagni Vecchi & Bagni Nuovi. Bagni Vecchi biedt baden in eeuwenoude grotten en een spectaculair buitenbad met uitzicht over de vallei. Bagni Nuovi is ruimer opgezet, met meer dan dertig wellnessfaciliteiten in een prachtige art-nouveausetting. Perfect voor wie ontspanning en omgeving.
Slapen
Net buiten het centrum van Bormio, tussen de weilanden en met uitzicht op de bergen, ligt Agriturismo Rini. Hier slaap je in ruime kamers in alpine stijl, met veel hout en warme kleuren. Het ontbijt is een hoogtepunt, met producten van de eigen boerderij: huisgemaakte kazen, verse yoghurt en taarten die net uit de oven komen. agriturismobormio.it
Wie liever in het centrum blijft, kiest voor het moderne Eden Hotel. Licht, comfortabel en van alle gemakken voorzien. De kamers zijn strak ingericht, sommige met uitzicht op de bergen. Na een dag buiten is het hier prettig thuiskomen met een drankje aan de bar of een goed glas wijn in de lounge. Alles binnen handbereik, en toch een oase van rust. edenbormio.it


Redactie De Smaak van Italië
De redactie van De Smaak van Italië bestaat uit een team van schrijvers, journalisten en Italië-kenners die dagelijks werken aan de mooiste verhalen over la bella Italia. Van verborgen dorpjes tot authentieke recepten, van culturele tradities tot de beste adressen – wij delen onze passie voor Italië graag met jou. Lees meer over de redactie
Deel dit artikel
Lees ook

Weekend in de Dolomieten: hiken, opladen en culinair genieten
Ponza is een heerlijk eiland, voor de kust van Lazio. Je vindt er prachtige plaatsjes, een helderblauwe zee en een heerlijke keuken.

Toeren door Trentino
Actief in de Alpen of aan de aperitivo. De zomer in Trentino is ontzettend veelzijdig. Wij delen de leukste tips.

Olympische Winterspelen Milano Cortina 2026 officieel geopend in Milaan
De Olympische Winterspelen van Milano Cortina 2026 zijn officieel geopend op vrijdag 6 februari 2026 met een openingsceremonie in Milaan.
Schrijf je in voor de nieuwsbrief




