Terug naar overzicht
Arezzo

Antiek Arezzo: middeleeuwse vestingstad

Op de grens van heuvelachtig Toscane en het groene Umbrië, kijkt de middeleeuwse vestingstad Arezzo uit over de omliggende valleien. Arezzo is bij het grote publiek vooral bekend om de maandelijkse antiekmarkt en als het decor van Benigni’s filmklassieker La vita è bella. Smaakredacteur Bart ging op pad om uit te zoeken of het leven er echt zo mooi is.

Maurizio, mijn gastheer de komende dagen, verwelkomt me hartelijk in ‘zijn’ wijk Quartiere di Porta Crucifera. De gemeenschap is er vermoedelijk hecht, want iedereen die we op straat passeren wordt wel even begroet of aangehaald voor een praatje. Het historische centrum van Arezzo is opgedeeld in vier wijken, legt Maurizio uit, genoemd naar de middeleeuwse toegangspoorten van de stad die nog steeds overeind staan: Porta Crucifera, Porta del Foro, Porta Sant’Andrea en Porta Santo Spirito. De belangrijkste is Porta Crucifera, aldus Maurizio over zijn geboortegrond, want hier was eens de hoofdtoegang tot de stad en naar verluidt ooit het centrum van een Etruskische nederzetting. Het is tekenend voor de lange geschiedenis van Arezzo.

Arezzo

Het Piazza Grande

Zigzaggend door de hellende straatjes, begeef ik mij naar het hart van Arezzo: het Piazza Grande. In de hoek van het schuin aflopende plein herinnert een bordje aan een van de beroemde filmscènes uit La vita è bella. Ik roep nog naar boven naar Maria voor de sleutel, maar krijg helaas niks toegeworpen. Op het plein dwalen mijn ogen direct af naar de prachtige zestiende- eeuwse bogengalerij van het Palazzo delle Logge, ontworpen door niemand minder dan Giorgio Vasari. De beroemde renaissancekunstenaar, geboren in Arezzo, renoveerde ook een andere blikvanger op het plein: de Santa Maria della Pieve. Deze kerk uit 1008 staat ook wel bekend als ‘de kerk van de 200 zuilen’, waarvan geen één zuil hetzelfde is. De meeste daarvan zitten in de façade, maar vanaf het piazza is alleen de bolvormige achterkant zichtbaar. Volgens sommigen is het Piazza Grande het mooiste plein in Toscane dankzij haar bijzondere vorm, de prachtige omringende gebouwen en de rode bakstenen als ondergrond.

Arezzo

De man achter de kraampjes

Elke eerste zondag van de maand (en de zaterdag daarvoor) vindt in de binnenstad een antiekmarkt plaats die van heinde en ver bezoekers aantrekt. Meer dan vijfhonderd handelaars stallen hun waren uit voor zo’n 20.000 bezoekers. De fiera antiquaria werd voor het eerst in de jaren zestig georganiseerd op initiatief van de steenrijke kunsthandelaar Ivan Bruschi. Deels om zijn liefde voor kunst en antiek te delen met Volgens sommigen is het Piazza Grande het mooiste plein in Toscane een groter publiek en deels om zijn eigen collectie uit te breiden tot meer dan 10.000 objecten, die je tegenwoordig in Museum Ivan Bruschi kunt bezichtigen.

Arezzo

Campanilismo

Ook buiten de populaire markt komen antiekliefhebbers aan hun trekken; in de Via Cavour zijn de antiquairs niet op één hand te tellen. Het aantal gevestigde antiekhandelaren in Arezzo is in de loop der jaren verdubbeld tot meer dan honderd. Als ik aan een van hen toestemming vraag om een foto te nemen, word ik verbaasd aangekeken. ‘Van mij? Ik heb een veel beter idee. Volg me.’ Ik loop achter de grijsaard aan en we stappen een statig winkelpand binnen. ‘Deze meneer moet je hebben: de oudste antiquair in Arezzo.’ Tussen een wirwar van antieke objecten en vanachter een eikenhouten bureau kijkt de oude man mij enigszins beduusd, maar glimlachend aan. Met zijn geverfde haar, getinte glazen en in keurig pak met pochet onmiskenbaar een Italiaan die het tij van ouderdom probeert te keren. Hij nodigt me uit om een rondje door zijn winkel te lopen. Vol verwondering sta ik oog in oog met het schilderwerk van Vasari en Botticelli. Het blijken helaas bijzonder geslaagde reproducties te zijn; de originele zijn in Florence te bezichtigen.

Fresco’s in San Francesco

Na deze bijzondere ontmoeting vervolg ik mijn weg naar het Piazza San Francesco, vernoemd naar de gelijknamige basiliek waarin de fresco’s van Piero della Francesca te bewonderen zijn. Deze vijftiende-eeuwse kunstenaar werd ook wel ‘de meester van het licht’ genoemd en geroemd om zijn dieptewerking en perspectieven. Filmkenners zullen zijn werk in de basiliek wellicht
herkennen uit The English Patient, waarin – wonderlijk genoeg – wordt verbeeld alsof de hoofdpersonages een kathedraal in Montepulciano binnenlopen. Eveneens op het plein is het sfeervolle Caffè dei Costanti te vinden, Arezzo’s oudste café waar van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat jong en oud elkaar ontmoeten. Binnen komt het historische karakter duidelijk naar voren in de, op het randje van bombastisch, marmeren decoraties. Buiten kun je er heerlijk onder de luifel vertoeven en de flanerende mensen bekijken.

Oase van rust

Na een uur struinen langs de honderden kraampjes, hou ik het antiek voor gezien. Lopend langs de eeuwenoude stadsmuur kom ik terecht bij Parco Il Prato: een oase van rust vergeleken met het bezige centrum. Het stadspark bevindt zich op het hoogste punt van de stad en kijkt prachtig uit over de omliggende vallei (je kunt zelfs Umbrië zien liggen!).

Strijd tussen de vier wijken

In het Palazzo Alberti vertelt Maurizio mij in geuren en kleuren over het Giostra del Saracino: een middeleeuwse steekspel dat twee keer per jaar een fel gevecht tussen de vier wijken oplevert en waaraan hij zelf ook deelneemt. Althans, aan de optocht. Het rood-groene wapenschild van Porta Crucifera valt bijna in het niet bij de prachtig versierde ridderhelmen die de bezoeker bij de entree verwelkomen. Ze behoren toe aan de Capitano en zijn vier Nobili die besluiten wie de wijk mag vertegenwoordigen in de optocht. Een deur verder stappen we de salon binnen waar aan beide kanten tientallen metershoge lansen staan opgesteld. De zogenaamde Lancia d’Oro (gouden lans) is de prestigieuze prijs tijdens de Giostra, die elke editie opnieuw ontworpen wordt door kunstenaars. Het stulpje van de lans uit 1932, toen het Giostra voor het eerst in huidige vorm werd gehouden, is ingelijst. De ogen van Maurizio schitteren als hij over de spelen van de afgelopen jaren vertelt. Ik trap een open deur in door te vragen wie de beste is. ‘Wij’ antwoordt hij resoluut. Maar met pijn in het hart geeft hij vervolgens toe dat ze de afgelopen vier jaar niet hebben gewonnen.

Dorpsfeest

Die pijn gaan we dan maar verzachten met een borrel op het Piazza San Francesco, waar de marktkraampjes inmiddels verdwenen zijn en heel Arezzo bij elkaar lijkt te zijn gekomen voor een aperitivo. Je zou in eerste instantie denken aan een dorpsfeest door de gezellige drukte, maar volgens Maurizio staat dit plein elk weekend vol met Arrentini, van jong tot oud. Het is precies die levendige dorpssfeer in combinatie met de rijke geschiedenis en de prachtige architectuur die Arezzo zo aangenaam maken. Het is dat het stadhuis in het weekend gesloten is, anders hadden ze mij meteen in het bevolkingsregister mogen bijschrijven. Ik waan me een echte Arettino als ik door iedereen op straat word herkend en begroet, en ik merk dat ik mijn vertrek maar blijf uitstellen de volgende ochtend. La vita è bella: geen woord van gelogen.

REIZEN

Afstand Utrecht – Arezzo 1.417 km
De dichtstbijzijnde luchthavens liggen in Florence en Perugia. Vanaf beide luchthavens i het ongeveer een uur rijden naar het centrum van Arezzo. Vanaf Amsterdam vlieg je in ongeveer twee uur met KLM direct naar Florence. Vanaf Brussel Charleroi bereik je Perugia met een rechtstreekse vlucht van Ryanair ook in ongeveer twee uur.