Terug naar overzicht

Feestelijke taart: torta di nonno Mario

Torta di nonno Mario is echt een taart voor feestjes. ‘In onze familie is het de taart die de grootvader van mijn man, nonno Mario, altijd zou maken voor verjaardagen, feestdagen en andere speciale gelegenheden’.

De half-Australische, half-Japanse Emiko Davies heeft het grootste deel van haar leven buiten haar moederland Australië gewoond. Tegenwoordig is Italië haar thuis. Als twintigjarige student aan de kunstacademie werd Emiko verliefd op Florence. Een paar jaar later keerde ze er terug om kunstrestauratie en fotografie te studeren en te genieten van de Florentijnse levensstijl.  Nog altijd woont Emiko in Florence. Inmiddels met haar Italiaanse man, Marco, en hun twee jonge dochters.  

Het recept vind je hieronder en komt uit Torta della Nonna.

PROBEER OOK:

Wil je dagelijks op de hoogte blijven van de laatste nieuwtjes en leukste vakantietips uit Italië? Volg De Smaak van Italië op Facebook!

Fotografie:  Lauren Bamford

Details

  • Servings: 10

Ingredients

  • Boter, om in te vetten
  • Voor het biscuitdeeg: 120 g bloem
  • 30 g maïzena of aardappelzetmeel
  • 4 eieren, op kamertemperatuur
  • 120 g suiker
  • Voor de siroop: 80 ml water
  • 2 tl alchermes-likeur of rum
  • 30 g suiker
  • Schil van 1 citroen (optioneel)
  • Voor de banketbakkersroom: 500 ml volle melk
  • 4 eierdooiers
  • 120 g suiker
  • 30 g maïzena
  • 1 vanillepeul, in de lengte doormidden gesneden en zaadjes eruit gehaald, of de rasp van 1 citroen
  • 60 g pure chocolade, in stukken gehakt
  • Voor de versiering: 250 ml room
  • 1 tl maïzena
  • 3 tl poedersuiker
  • 100 g geschaafde amandelen (optioneel)

Preparation

  • 1Verwarm de oven voor op 180 °C. Vet een ronde bakvorm van 22 cm in en bekleed ’m met bakpapier. Om het biscuitdeeg te maken, zeef je de bloem in een kom.
  • 2Klop in een aparte kom de eieren en de suiker ongeveer 10 minuten samen tot ze erg romig, bleek en dik zijn.
  • 3Spatel heel voorzichtig de bloem erdoor en giet het mengsel in de bakvorm.
  • 4Bak de biscuit 35 minuten, of tot die goudbruin en veerkrachtig is. Een satéprikker die je in het midden van de cake steekt, moet er schoon uitkomen.
  • 5Haal de biscuit uit de vorm en laat volledig afkoelen (nog beter als je dit de avond ervoor maakt en het een nacht in de koelkast zet) voordat je hem in drie gelijkmatige schijven van ongeveer 2 cm dik snijdt.
  • 6Om de siroop te maken, doe je alle ingrediënten in een steelpan en breng aan de kook. Laat 5 minuten sudderen, haal dan van het vuur en zet opzij.
  • 7Om de banketbakkersroom te maken, verwarm je de melk in een pan tot het stoomt maar niet kookt. Klop de dooiers en suiker in een hittebestendige kom tot een gladde massa.
  • 8Voeg de maïzena, vanille of citroen toe en dan de melk, eerst een klein scheutje, en meng de rest.
  • 9Zet de kom au bain-marie op een pan en klop tot het geheel verdikt is, ongeveer 12-15 minuten (het wordt vrij plotseling dikker, dus let goed op wanneer je ziet dat het begint te veranderen).
  • 10Verdeel het mengsel over twee kommen en roer in één kom de donkere chocolade door tot die gesmolten is. Laat volledig afkoelen.
  • 11Bouw de cake op door de onderste taartschijf op een plat bord of taartplateau te leggen. Bestrijk die rijkelijk met de siroop. Smeer de chocolade-banketbakkersroom eroverheen.
  • 12Leg de middelste laag biscuit erbovenop. Bestrijk opnieuw met de siroop en strijk de banketbakkersroom glad. Plaats de laatste laag cake erop. Tip: Als je de cake de volgende dag serveert, wikkel die dan goed in plasticfolie totdat je hem nodig hebt.
  • 13Maak de slagroom op de dag dat je de taart gaat serveren: in een kom klop je de room, maïzena en suiker tot je pieken ziet.
  • 14Bedek de zijkanten en bovenkant van de cake met de room. Decoreer eventueel met wat geschaafde amandelen. Serveer de taart in dunne plakjes.